dinsdag 26 juni 2012

Eén, twee, drie



Eén
Mijn blogritme is wat onregelmatig de laatste tijd. Dat komt op de eerste plaats doordat er op adoptiegebied weinig te melden valt. Ook omdat we het best druk hebben gehad en zeker ook omdat het heerlijk is de gedachten lekker zijn gang te laten gaan, zonder dat ik er melding van hoef te maken. 

Er is namelijk zat gebeurd de laatste tijd: — Onze (tijdelijke) inwoner heeft twee maanden terug een baan gevonden en gaat per 1 juli verhuizen naar zijn eigen appartementje. — Mijn schoonzus is met het kleine (eigenwijze maar o zo leuke) ventje al een paar keer in het land geweest. — Mijn ouders worden oud: nieuwe knie (tweede) voor moeders en vaders ligt na een nare Parkinson-opleving enkele maanden terug nu wéér in het ziekenhuis, maar dan voor zijn hart en wordt binnenkort voorzien van een drievoudige bypass. — We zijn verhuisd!


Twee
We zijn verhuisd! Zoals ik al eerder schreef, hebben we ondanks de (huizen)crisis de vorige woning binnen 3 weken verkocht en een week later hadden we op het nieuwe huis geboden en was de deal rond. En dan begint de stress van de administratieve marteling: documentje dit, documentje dat, financiering zus, financiering zo. Waarborgsom bij de makelaar nét op tijd, pffff. Ondertussen inpakken, zooi weggooien, dozen stapelen, je huis ontdoen van leven, dingen kwijtraken: in welke doos zit in vredesnaam mijn ?? Elke avond weer een doos of twee inpakken. De dag er na precies die spullen nodig hebben die je de dag ervoor hebt ingepakt. Wat een 'fantastische' tijd… Maar dan komt (eindelijk) de dag van de overdracht, het klussen en de verhuizing. Wauw, wat een ruimte. En het zelfde ritueel van het inpakken, maar dan andersom. Met de handicap dat je nu alles een nieuwe plek moet geven. Heb je wel genoeg kasten? Waar laten we dit nu weer? Toch maar weggooien? Tring. Tring.


Drie
Tring. Tring. Telefoon. "Hallo, met de Nederlandse Adoptie Stichting…". Nadat ik van de schrik ben bekomen word ik gerustgesteld dat dit niet hét telefoontje is, maar wel een heel belangrijk telefoontje. Of we bereid zijn ons dossier naar een ander district te laten verhuizen, want er wordt gezocht naar een thuis voor drie kinderen. Wat zegt u? Drie kinderen. Drie kinderen. Drie kinderen. Drie kinderen. Drie, galmt er door mijn hoofd. Drie, trés, drei, three, trois. Drie. De andere kant van de lijn heeft nog veel meer gezegd, maar het enige dat ik nog herinnerde toe ik ophing was drie. En de leeftijden: tweeëneenhalf, vijf plus en acht min.

Het telefoontje betrof een zogenaamde polsing, dus niet het definitieve voorstel. Er moet nog best wat bureaucratie aan te pas komen voor het een echt voorstel wordt. En dat kan zomaar 4 tot 6 maanden duren. Ongetwijfeld zullen dat lange maanden worden, maar de toon is gezet. Ons dossier ligt niet meer onderaan die denkbeeldige stapel. Eerst moesten we natuurlijk nog antwoord geven of we dit wel wilde. We hebben ja gezegd, maar dan wel als geen van de kinderen een zogeheten 'special needs'-kind is. De aandacht moet je immers gelijkmatig kunnen verdelen en bij een special-need is dat lastiger.

Korte tijd later zijn we weer gebeld met het nieuws dat de kinderen op het oog gezond zijn, maar er moet vanzelfsprekend nog een medische inspectie worden uitgevoerd. En nog wat extra bureaucratie uiteraard, zowel in Bolivia als in Nederland (zoals een Centrale Autoriteit in Bolivia, de Raad van de Kinderbescherming hier met een aanvullende gezinsonderzoek, een toestemming (BT) die moet worden aangepast, etc.).

___

Het is onwaarschijnlijk hoe de puzzelstukjes op hun plek vallen. Willen verhuizen maar het niet durven omdat je elk moment gebeld kunt worden. En dan toch ervoor gaan. De verhuizing lijkt wel een katalysator voor die adoptieprocedure. Gelukkig zitten we er nu ruimer bij, waardoor er voor elk kind in de toekomst een eigen kamer is. (Ach, die beoogde logeerkamer moet dan maar gecombineerd worden met de werkkamer). Het lijkt wel of al dat wachten nodig is geweest. Eerst innerlijke rust, een stabiele werksituatie, een ruim huis en dan pas kinderen. En wel drie!